Appliceren: Garen, Naaivoeten, Hoeken en Bochten

Tips voor het Appliceren: Garen, Naaivoeten, Hoeken en Bochten
Bij het appliceren kan de keuze van het garen een groot verschil maken. Het gebruik van dunner garen, zoals rayon borduurgaren, wordt aanbevolen. Dit garen vormt een fijnere satijnsteek die minder opvalt en het applique-motief beter tot zijn recht laat komen. Borduurgarens zijn verkrijgbaar in glanzende en matte tinten, waardoor ze aan te passen zijn aan het applique-materiaal en de omgeving.
Gebruik van Borduurgaren als Boven- of Onderdraad
- Stabilisatie: Gebruik altijd een stabilisator (borduurvlies) onder de stof, tenzij de hoofd- of dragerstof al verstevigd is met tussenvoering.
- Naaldkeuze:
- Gebruik een speciale borduurnaald (herkenbaar aan de rode huls) die geschikt is voor de dikte van het borduurgaren.
- Als alternatief kan een naaimachinenaald worden gebruikt die past bij het te appliceren materiaal. Voor materialen zoals kurkstof, dat gevoelig is voor gaatjes, is een MICROTEX-naald (maat 80) met een speciale puntvorm ideaal.
- Garencontrole: Om te voorkomen dat het gladde borduurgaren te snel van de spoel loopt en verstrikt raakt, kan een netje over de garenklos worden geplaatst voor wat extra weerstand.
- Naaiproef: Maak altijd een naaiproef om de gewenste breedte van de satijnsteek en de steeklengte te bepalen.
- Instellingen opslaan: Als het appliceren niet in één keer voltooid kan worden, schrijf dan de machine-instellingen op na het maken van een proefstuk. Dit zorgt voor consistentie en bespaart tijd en garen bij vervolgprojecten.
- Voorbereiding van de stof: Was en strijk de hoofd- of dragerstof voordat deze wordt uitgesneden. Ongecontroleerde krimp na het appliceren kan leiden tot vervormingen aan de randen van de applicatie.
- Afwerken van de naden: Bij het appliceren worden de begin- en eindpunten van de naad niet achteruit gestikt om een nette afwerking aan de bovenzijde te garanderen. Laat ongeveer 20 cm draad aan het begin en einde hangen. Trek na het naaien de draden naar de onderkant van de stof, knoop ze dubbel en knip het overtollige draad af.
- Automatische draadafsnijder: Schakel de automatische draadafsnijder van de naaimachine uit om te voorkomen dat de draden te vroeg worden afgeknipt.
Naaivoeten voor Appliceren
Een open borduurvoet of applicatievoet biedt beter zicht op de rand van de te appliceren stof. Een voet met een markering in het midden kan helpen om de satijnsteek gelijkmatig langs de contour te leiden, zodat de steekafstand tot de rand zowel naar binnen als naar buiten consistent is.
Appliceren van Gebogen Vormen
- Externe bochten: Bij een bocht die van het midden af buigt, laat de naald aan het einde van een steek aan de linker zijde (in de applicatie) in de stof zitten. Hef de naaivoet op, draai de stof een klein stukje, laat de naaivoet zakken en ga verder met naaien. Herhaal dit regelmatig.
- Interne bochten: Bij een bocht die naar binnen buigt (bijvoorbeeld bij de openingen van de letter ‘B’), onderbreek de satijnsteek wanneer de naald aan de rechter zijde (buiten de applicatie, in de hoofd- of dragerstof) zit. Hef de naaivoet op, draai de stof, laat de naaivoet zakken en ga verder.
Bij smalle applicaties (3-4 mm) kan een nauwe satijnsteek (steekbreedte 1,5, steeklengte minder dan 2) worden gebruikt om het applique-materiaal te accentueren zonder het te bedekken.
Samenvatting voor Bochten:
- Externe bocht: Naald blijft aan de binnenkant (in de applicatie) om te draaien.
- Interne bocht: Naald blijft aan de buitenkant (in de hoofd- of dragerstof) om te draaien.
Dit voorkomt dat de satijnsteek per ongeluk buiten de applique-stof valt. De naaldstopfunctie, waarbij de naald na het stoppen van de machine in de stof blijft staan, is handig om verschuiven van de stof te voorkomen en beide handen vrij te maken om te draaien.
Hoeken Correct Afwerken
Om te voorkomen dat hoeken dik en onregelmatig worden, naait men niet tot precies in de hoek en draait men vervolgens 90 graden. Een betere methode is om tot aan de hoek te naaien, de naald aan de linker zijde van de applicatie te laten zitten, het werk 45 graden te draaien, een halve steek diagonaal (naar buiten) te zetten, het werk nogmaals 45 graden te draaien en verder te naaien. Dit zorgt voor een nette hoek zonder onnodige verdikking.


